Veelgemaakte fouten op het inburgeringsexamen
3 min lezen

De meeste punten die op A2 verloren gaan, gaan niet verloren aan grammatica. Ze gaan verloren aan het examen zelf: de tijd, het format, en instructies die net iets anders zijn dan verwacht.
Dit zijn de fouten die het vaakst terugkomen.
1. Te weinig woorden bij Schrijven
Bij elke schrijfopdracht staat een minimumaantal woorden. Haal je dat niet, dan telt de opdracht niet mee — ook niet als de zinnen correct zijn, de aanhef klopt en je alle punten hebt behandeld.
Dit is de duurste fout op het hele examen, en de makkelijkst te vermijden. Tel je woorden, of leer hoeveel woorden jouw handschrift ongeveer per regel telt zodat je het op het oog kunt inschatten.
2. Niet alle gevraagde punten behandelen
De opdracht noemt meestal drie of vier dingen die in je tekst moeten staan. Wie er één vergeet, verliest punten die niets met taal te maken hebben.
Streep de punten af terwijl je schrijft. Eén zin per punt is genoeg — op A2 hoeft het niet mooi, het moet er staan.
3. Wachten met praten bij Spreken
De antwoordtijd loopt vanaf de piep. Wie eerst drie seconden nadenkt, geeft drie seconden weg — en bij een antwoordtijd van 20 seconden is dat veel.
Begin met een zin die je altijd kunt zeggen, ook als je nog niet weet waar je eindigt: "Ik denk dat…", "Bij mij is dat…", "Pardon, mag ik iets vragen?" Terwijl je die zegt, bedenk je de rest.
4. Stoppen omdat je een woord kwijt bent
Dit kost meer punten dan het verkeerde woord gebruiken. Stilte is niets; een omschrijving is communicatie — en dat is wat er beoordeeld wordt.
Weet je huurcontract niet meer? Zeg "het papier van het huis". Dat is precies wat een A2-spreker hoort te kunnen.
5. Bij Luisteren de vraag niet vooraf lezen
Het fragment speelt één keer. Wie pas ná het luisteren de vraag leest, moet raden.
Gebruik de tijd vóór het fragment om te lezen wat er gevraagd wordt. Dan luister je gericht naar één ding in plaats van te proberen alles te onthouden.
6. Blijven hangen bij één woord bij Lezen
Je hoeft niet elk woord te begrijpen om de vraag te beantwoorden. Vaak staat het antwoord in een zin waar ook drie onbekende woorden in staan.
Lees de vraag, zoek het stuk tekst dat erover gaat, en accepteer dat de rest onduidelijk blijft. Je krijgt geen punten voor volledig begrip.
7. KNM leren als taalexamen
KNM toetst kennis, geen taal. Woordenlijsten leren helpt daar nauwelijks; weten hoe het hier praktisch werkt wel. Zie de uitleg over KNM.
8. Geen geldig identiteitsbewijs meenemen
Zonder geldig ID mag je niet meedoen. Controleer ook de geldigheidsdatum — een verlopen document telt niet, en je bent je aanmelding kwijt.
Wat je hierna kunt doen
- Test jezelf met een oefenexamen onder echte omstandigheden
- Oefen schrijven en spreken met directe feedback
- Lees hoe je oefenexamens het beste inzet
Officiële bron: inburgeren.nl — regels voor het examen.
